“Ik zou wel willen, maar ik kan het me nu niet permitteren.”
De hypotheek.
De kinderen die nog thuis zijn.
Je partner, die ook zoveel wensen heeft.
Een ouder die zorg nodig heeft.
Het is niet het goede moment.
Misschien later.
Als het rustiger wordt.
Alleen… het wordt niet rustiger.
De lijst verandert.
Maar hij verdwijnt niet.
Ondertussen schuif je jezelf op.
Niet omdat je dat wilt.
Maar omdat het logisch voelt.
Verantwoord zelfs.
Jij zorgt.
Jij houdt het draaiend.
Jij denkt vooruit.
En ergens voelt voor jezelf kiezen bijna ongemakkelijk.
Wat vaak onzichtbaar blijft, is wat het kost.
Niet in één keer.
Maar langzaam.
Steeds een beetje minder ruimte.
Steeds een beetje verder bij jezelf vandaan.
In gesprekken komt vaak een deel naar voren dat dit draagt.
De verzorger.
De verantwoordelijke.
De pleaser.
Een sterk deel.
Met een duidelijke bedoeling.
Maar als hij altijd voorop staat, blijft er weinig ruimte over voor iets anders.
Het hoeft niet groots.
Geen rigoureuze keuzes.
Geen alles-of-niets.
Soms zit het in iets kleins.
Iets wat weer een beetje van jou is.
Ik herken dat zelf ook.
Ik heb mijn werk, mijn zekerheid, mijn vaste structuur.
En daarnaast is er Doetels.
De plek waar iets anders ruimte krijgt.
Dat kan naast elkaar bestaan.
Misschien is de vraag niet: kan het wel?
Maar:
Wanneer is het jouw tijd?
Reactie plaatsen
Reacties